Precies 250 jaar geleden zag bioloog en wereldreiziger Alexander von Humboldt het levenslicht. Zijn ster rees tot ongekende hoogte, raakte daarna ietwat verduisterd, maar zijn visionaire inzichten zijn nog springlevend.

 

‘De biologie is veel sterker doordrenkt met het gedachtegoed van Humboldt dan de meeste biologen zich realiseren. Zelf dacht ik ook dat ik een typische exponent was van een Amsterdamse school van biogeografen, maar de afgelopen jaren ontdekte ik dat onze hele manier van denken en werken eigenlijk te herleiden is op Alexander von Humboldt. We zijn allemaal verre volgelingen van Humboldt’, zegt paleoecoloog Carina Hoorn van het Amsterdamse Instituut voor Biodiversiteit en Ecosysteemdynamiek. Ze is mederedacteur van de Alexander von Humboldt-special van het Journal of Biogeography dat in augustus verscheen en medeorganisator van het 5 tot 9 augustus gehouden Humboldt 250-congres van de International Biogeography Society in de Ecuadoraanse hoofdstad Quito.

 

In de 19de eeuw genoot Humboldt absolute wereldfaam en was hij bekend bij zowel wetenschappers, wereldleiders als scholieren. Zijn honderdste geboortedag werd 14 september 1869 – tien jaar na zijn dood – massaal gevierd in de straten van Berlijn, Buenos Aires, MexicoStad, San Francisco, New York, tot Moskou aan toe. Met de viering van zijn 250ste verjaardag op komst (zie kader: Viering Humboldtjaar), valt op dat zijn inzichten over biodiversiteit, ecosystemen, klimaat, overexploitatie en wetenschapsbeoefening nog altijd opmerkelijk relevant en actueel zijn. ‘De afgelopen jaren heb ik veel over Humboldt nagedacht’, vertelt Hoorn. ‘Directe aanleiding was het boek Mountains, Climate and Biodiversity dat we in 2018 publiceerden en aan hem hebben opgedragen. Het is verbijsterend hoeveel pionierswerk Humboldt heeft verricht aan de onderlinge relaties tussen plantensoorten, geografie en klimaat. Heel multidisciplinair ingestoken, gebaseerd op talrijke veldobservaties en metingen, en op een ongekend knappe en mooie manier gevisualiseerd in publicaties.’ Zonder meer iconisch en nog steeds inspirerend is volgens Hoorn de kleurenplaat van vegetatiezones op de hellingen van de vulkanen Chimborazo en Antisana, die Humboldt in 1807 publiceerde in zijn boek Naturgemälde .

 

Humboldts beklimming van de 6300 meter hoge Chimborazo-vulkaan in Ecuador in 1802 sprak zeer tot de verbeelding, zeker omdat vrijwel iedereen destijds dacht dat dit de hoogste berg ter wereld was en dat gemeten vanuit het middelpunt van de aarde ook nog steeds is. Zo’n klim vol ontberingen is al een enorme prestatie, maar verdient nog meer ontzag omdat Humboldt en zijn gevolg ook nog een keur aan meetinstrumenten meetorsten én er metingen mee uitvoerden. Dat gold onder meer voor een barometer, thermometer, sextant, kunstmatige horizon en een zogeheten cyanometer, om de blauwheid van de lucht te meten. ‘Niemand was ooit zo hoog gekomen, en niemand had ooit zulke ijle lucht ingeademd’, schrijft Humboldtbiograaf Andrea Wulf in het in 2016 verschenen boek De uitvinder van de natuur . ‘Daar, op het hoogste punt van de wereld, uitkijkend over het gebergte aan zijn voeten, begon Humboldt de wereld anders waar te nemen. De aarde kwam op hem over als één groot levend organisme waarin alles met elkaar verbonden was. En zo ontwikkelde hij een volstrekt nieuwe visie op de wereld, een visie die nog steeds ons beeld van de natuur bepaalt’, aldus Wulf. ‘Zijn visie op de natuur is in ons bewustzijn terechtgekomen als door een proces van osmose.’



Wereldreiziger

De ondertitel van Wulfs biografie is niet voor niets het avontuurlijke leven van Alexander von Humboldt, want de als geoloog opgeleide aristocratische Pruis reisde vanaf 1799 als dertiger vijf jaar door Venezuela, Cuba, Colombia, Ecuador en Mexico en op zijn 60ste nog 15.000 kilometer naar de verste uithoeken van Rusland. Hij onderhield innige contacten met de Zuid-Amerikaanse vrijheidsstrijder Simón Bolívar, de Amerikaanse president Thomas Jefferson, twee Pruisische koningen en de Duitse schrijver en natuuronderzoeker Goethe. Tussen zijn reizen door woonde hij in Parijs en Berlijn als een spil in de wetenschappelijke wereld: hij schreef zo’n vijftigduizend brieven en ontving er minstens tweemaal zoveel. Zijn volledige familiekapitaal ging op aan reizen en aan een ongekende stroom aan publicaties in het Frans, Duits, Engels en Spaans, waaronder zijn vijfdelige levenswerk Kosmos (1845-1859). Hij inspireerde een hele generatie jonge onderzoekers, waaronder geoloog Charles Lyell, oerbioloog Charles Darwin, botanicus Joseph Hooker, biogeograaf Alfred Russel Wallace en dierkundige Louis Agassiz. ‘Ironisch genoeg zijn zijn denkbeelden intussen zo vanzelfsprekend geworden dat we de man erachter zo goed als vergeten zijn. Toch bestaat er, via zijn ideeën en de vele mensen die erdoor beïnvloed werden, een onzichtbare verbindingslijn tussen hem en ons’, constateert biograaf Wulf.



‘Ironisch genoeg zijn zijn denkbeelden intussen zo vanzelfsprekend geworden dat we de man erachter zo goed als vergeten zijn'



Zeer kenmerkend voor Humboldt is dat hij overal verbanden zag en dankzij zijn ijzersterke geheugen in staat was waarnemingen te koppelen op grote afstand in zowel ruimte als tijd. Hij was met zijn ogen als ‘natuurlijke telescopen en microscopen’ in staat om ‘de hele keten van verschijnselen ter wereld in één blik te overzien’, aldus Wulf. Ook opmerkelijk is volgens de Utrechtse hoogleraar plantenverspreidingsecologie en natuurbescherming Merel Soons zijn grote drang om zaken te meten en zo de relatie te leggen tussen de standplaats van planten en abiotische factoren. ‘Hij was echt een voorloper in de kwantitatieve biologie, met de instelling dat naast waarnemingen ook metingen helpen om verbanden te zien. Zo ontdekte hij de relatie tussen de vegetatiezones als gevolg van hoogteverschillen én die als gevolg van verschillen in geografische breedtegraad. Hij is daarmee terecht de grondlegger van de plantengeografie. Zijn vegetatiezones zijn onderdeel van wat we nu klimaatenveloppen noemen’, aldus Soons.

 


 

Humboldts verbeelding van de vegetatiezones op de vulkanen Chimborazo en Antisana. Uit Naturgemälde (1807).



Kritiek

Een ander belangrijk aspect was zijn vermogen lokale kennis van inheemse bevolking serieus te nemen, te denken in termen van kringlopen en veerkracht, en ook kritisch na te denken over de rol die mensen hierbij spelen, meent de Wageningse hoogleraar waterbeheer Rutgerd Boelens, tevens bijzonder hoogleraar politieke ecologie bij het Amsterdamse Centrum voor Studie en Documentatie van Latijns-Amerika. ‘Hij was fel tegenstander van kolonialisme en slavernij, niet alleen omdat het onmenselijk is, maar ook onnatuurlijk. Hij legde de relatie met monoculturen, mijnbouwactiviteiten en hebzucht, en de eenzijdige focus op export van grondstoffen. Ook voorzag hij al dat het kappen van bossen onherroepelijk leidt tot uitdroging en uitputting van de bodem. Hij realiseerde zich dat een multidisciplinaire en ook transdisciplinaire aanpak – waarin ook plaats is voor kennis van inheemse boeren en lokale culturen – nodig is om dat tij te keren. Dit denken is nog steeds een tegenstroom. Hij was hiervoor een visionair waarvan we nog steeds heel veel kunnen leren’, aldus Boelens. ‘In Latijns-Amerika is hij zo populair omdat veel mensen hem niet als buitenstaander, maar als een van hen beschouwen.’



Zijn volledige familiekapitaal ging op aan reizen en aan een ongekende stroom aan publicaties



Volgens paleo-ecoloog Hoorn is er in Zuid-Amerika overigens ook wel kritiek op Humboldt. Zo zou hij veel ideeën hebben overgenomen van de Colombiaanse botanicus José Celestino Mutis en natuuronderzoeker Francisco José de Caldas. ‘Ze hebben een punt, Humboldt deed zijn werk natuurlijk niet alleen’, aldus Hoorn. ‘Hij had ook vrijwel de gehele reis de Franse botanicus Aimé Bonpland als secondant bij zich en open kennisuitwisseling met verschillende experts en disciplines zijn juist een belangrijk kenmerk van zijn werkwijze. Ook wat dat betreft was hij al een opmerkelijk modern onderzoeker. Een echte netwerker die ook al veel deed aan het populariseren van wetenschap.’ Zo stuurde Humboldt met regelmaat persberichten naar kranten – soms alvast geschreven in de hij-vorm – over zijn heldhaftige avonturen of over dingen die hem dwars zaten.

 

Hoewel hij over een groot zelfvertrouwen en zelfingenomenheid beschikte, snakte hij ook voortdurend naar bevestiging. In Parijs en Berlijn was hij zowel geliefd als gevreesd om zijn praatsessies. Hij sprak snel, kon soms zeer scherp uitvallen en van het ene op het andere moment het onderwerp wisselen van ‘gekrompen hoofden’ naar ‘Assyrisch spijkerschrift’.

 

Humboldt verkeerde als ongetrouwde en aantrekkelijke man opmerkelijk vaak in het gezelschap van jongemannen en biograaf Wulf suggereert dat hij mogelijk homoseksueel was. Zelf liet hij vrouwelijke bewonderaars weten dat hij uitsluitend een passie koesterde voor de wetenschap: zijn ‘eerste en enige liefde’. Aan die liefde hebben biologen veel te danken: een interdisciplinaire benadering van wetenschap en natuur, inzichten in wereldomvattende patronen van biodiversiteit en het door hem ontwikkelde concept van het web van leven.



 

Viering Humboldt-jaar

Vooral in Duitsland is het Alexander von Humboldt-jaar al volop op stoom met lezingen, symposia en publieksactiviteiten. Die vinden verspreid over het land plaats, maar wel met een extra groot accent op Berlijn, zowel zijn geboorte- en sterfplaats als bakermat van de mede naar hem vernoemde Humboldt-Universität zu Berlin. Zo is in de Duitse hoofdstad tot eind 2019 een speurtocht te volgen langs belangrijke plaatsen uit zijn leven en gaat rond zijn verjaardag op 14 september de musical Humboldt! in première. Tot 29 maart 2020 is in de botanische tuin en het museum van de Freie Universität Berlin de expositie Wo Wissen wächst over Humboldts wetenschappelijke erfenis te bezoeken en van 22 november 2019 tot 19 april 2020 de expositie Wilhelm und Alexander von Humboldt in het Deutsches Historisches Museum van Berlijn. Ook opent nog dit jaar het Humboldt Forum in het Berliner Schloss, een culturele ontmoetingsplaats rond collecties uit Azië, Afrika, de Amerika’s en Oceanië. Dichterbij houdt het Natuurhistorisch Museum Rotterdam zaterdag 14 september een ‘Humboldt Ontdekkingsreis voor families’, gevolgd door een lezing van botanisch filosoof Norbert Peeters.

 

avhumboldt250.de www.hetnatuurhistorisch.nl



Humboldts avonturen in beeld

De avonturen van Alexander von Humboldt Andrea Wulf en Lillian Melcher Uitgeverij Atlas Contact ISBN 9789045036687 Integraalband, 272 pagina’s, 34,99 euro

 

Maar liefst twee nieuwe beeldverhalen over Alexander von Humboldt zien in dit jubileumjaar het levenslicht. De avonturen van Alexander von Humboldt is een Nederlandse vertaling van de samenvatting die biograaf Andrea Wulf (zie hoofdverhaal) over zijn leven gaf, met een nadruk op de vijfjarige expeditie in Zuid-Amerika. Illustrator Lillian Melcher verziet het boek van stripachtige tekeningen en ook fragmenten uit zijn dagboeken, atlassen en publicaties. Het laat zijn leven tot leven komen, maar staat wel zo boordevol tekstballonnen en typografische experimenten dat het een vrij hoog ADHD-gehalte krijgt. Een echte vervanging voor de excellente biografie van Wulf is het niet, maar het levert er wel een bijzondere toevoeging aan.

 

The Incredible yet True Adventures of Alexander von Humboldt Volker Mehnert en Claudia Lieb Experiment Publishing ISBN 9781615196319 Hardcover, 112 pagina’s, 16,99 euro

 

Het Engelstalige beeldverhaal The Incredible yet True Adventures of Alexander von Humboldt is wat traditioneler van aard en richt zich nadrukkelijk ook op kinderen. Het probeert hen te inspireren om de wereld door de ogen van Humboldt te zien en je te laten meereizen op zijn avontuurlijke expedities.



Sporen van Humboldt

Er bestaat volgens Humboldt-biograaf Andrea Wulf geen enkele persoon naar wie zo veel plaatsen zijn vernoemd: gebouwen, universiteiten, instituten, straten, parken, gewesten, rivieren, bergen, gletsjers en zelfs de Amerikaanse staat Nevada had bijna Humboldt geheten. De mineralen humboldtiet en humboltien zijn naar hem vernoemd en op de maan zelfs een maanzee: Mare Humboldtianum. Ook zijn bijna driehonderd planten en meer dan honderd diersoorten naar hem genoemd, soms zowel in de wetenschappelijke als gangbare naam: Californische humboldtlelie (Lilium humboldti), humboldtpinguïn (Spheniscus humboldti) en humboldtinktvis (Dosidicus gigas), waarvan de laatste twee zelfs leven in de voedselrijke koude Humboldtstroom voor de kust van Chili.