Bionieuws

Ecologie & Evolutie

Opvallend rijk zeeleven na uitsterfgolf

Een impressie van de bijzondere, 252 miljoen jaar oude mariene levensgemeenschap gevonden bij het Amerikaanse plaatsje Paris. Illustratie: Jorge Gonzalez

Een Amerikaanse vindplaats van 250 miljoen jaar oude fossielen heeft een onverwachte rijkdom aan mariene sponzen, stekelhuidigen, inktvissen en vissen opgeleverd. Opmerkelijk omdat het de periode vlak na de uitsterfgolf op de perm-trias-grens betreft, toen naar schatting 80 tot 90 procent van het mariene leven verdween. De vondst roept volgens een internationale onderzoekgroep om herziening van de evolutionaire scenario’s die tot het moderne leven in zee hebben geleid (Science Advances, 15 februari).

Het massaal uitsterven zo’n 252 miljoen jaar geleden is de grootste instorting van de mondiale biodiversiteit die de aarde ooit heeft meegemaakt. Een combinatie van wereldwijde opwarming, CO2-productie, zure regen en heftige erosie veroorzaakte een complete evolutionaire herschikking, waarbij mariene diergroepen als armpotigen, zeelelies en trilobieten geheel of vrijwel geheel verdwenen en werden vervangen door moderne groepen als tweekleppigen, krabben en zee-egels. Het herstel na de crisis verliep langzaam en stapsgewijs, zo was tot nu toe het idee, vooral gebaseerd op analyses van de 242 miljoen jaar oude Chinese fossielrijke Luopingformatie (Bionieuws 10, 9 juni 2012).

Crisis
‘Onze ontdekking stamt uit de tijd vlak na de crisis en geeft informatie over hoe herstel van diversiteit in een beperkt gebied is verlopen’, stelt eerste auteur Arnaud Brayard van Université Bourgogne France-Comté in Dijon. Het gaat om een rijke fossielenvindplaats bij het stadje Paris in de Noord-Amerikaanse staat Idaho, die niet eerder uitgebreid is onderzocht.
De aangetroffen fossiele leefgemeenschap situeren de onderzoekers aan de westkust van het voormalige oercontinent Pangae en is door hen Paris Biota gedoopt. In totaal zijn meer dan 750 individuele fossielen gevonden, qua taxonomie afkomstig uit minstens zeven fyla en twintig ordes. De Paris Biota is volgens Brayard zo bijzonder omdat er naast verwachte soorten ammonieten, nautilussen, tweekleppigen en vissen ook nog niet bekende soorten zijn gevonden, en soorten waarvan men dacht dat ze waren uitgestorven. Tot de opmerkelijke spook- of Lazarussoorten behoren de zogeheten protomonaxonidesponzen, vooral bekend van de 505 miljoen jaar oude Canadese Burgess Shale uit het cambrium. In de tussenliggende honderden miljoenen jaren zijn er geen sporen meer van aangetroffen.

‘In vervolgonderzoek gaan
we kijken of deze levensgemeenschap
een uitzondering
was of juist de regel’

Andere bijzondere vondsten zijn gedetailleerde resten van brokkelsterren, garnalen, zeekomkommers, pijlinktvissen en zeelelies. Het intrigeert Brayard dat sommige mariene diergroepen toch de permtrias-crisis hebben overleeft. ‘We moeten nu vaststellen hoe en waar zij precies overleefden en welke rol ze gespeeld hebben bij het ontstaan van moderne mariene ecosystemen.’
‘In vervolgonderzoek gaan we daarom kijken of deze levensgemeenschap een uitzondering was, een soort refugium, of juist de regel’, aldus Brayard. ‘Hierbij moeten we altijd in ons achterhoofd houden dat behoud van zulke fossielen een zeldzaam proces is. Het is dus mogelijk dat zulke gemeenschappen ook elders voorkwamen, maar dat ze niet bewaard zijn gebleven.’

(Dit bericht verscheen in Bionieuws 4 van 25 februari 2017)