De nieuwe Schijf van Vijf

Deel

De nieuwe Schijf van Vijf. Beeld: Voedingscentrum

Afgelopen april presenteerde het Voedingscentrum de vernieuwde Schijf van Vijf. De vertrouwde schijf is nog steeds een hulpmiddel voor mensen om gezond eten. Wat veranderde er, en waarom?


Wat is er veranderd in de nieuwe Schijf van Vijf?

‘Eigenlijk is er vooral veel hetzelfde gebleven: de indeling bestaat nog steeds uit vijf vakken met de belangrijkste productgroepen voor een gezond, duurzaam en veilig eetpatroon’, stelt Marije Verwijs van het Voedingscentrum. ‘De belangrijkste verandering zit in hoeveelheden, met name in het roze vak. Dat gaat over eiwitbronnen en daarin is nu een grotere rol voor peulvruchten en een kleinere rol voor vlees.’


Overigens is de Schijf van Vijf altijd up-to-date: adviezen van bijvoorbeeld de Gezondheidsraad of WHO worden direct verwerkt, legt Verwijs uit. ‘Maar eens in de zoveel tijd rekenen we de Schijf van Vijf helemaal opnieuw door. Daarmee konden we een langgekoesterde wens vervullen: de online tool houdt in het een advies nu rekening met leeftijd, geslacht, én eetvoorkeur, zoals geen vlees of minder brood eten.’


Hoe kwam de nieuwe Schijf van Vijf tot stand?

‘We beginnen met een heel pakket aan randvoorwaarden: voor gezondheid, duurzaamheid en voedselveiligheid. De Gezondheidsraad geeft bijvoorbeeld advies over welke producten je wel of niet moet eten om het risico op chronische ziekten te verlagen. Daarnaast volgen we hun Voedingsnormen, die beschrijven hoeveel je nodig hebt van verschillende voedingsstoffen: macronutriënten, maar ook vitamines, mineralen en spoorelementen. Qua duurzaamheid kijken we naar broeikasgasuitstoot en waterverbruik. Van het RIVM gebruiken we data over grenswaarden van contaminanten in voeding, zoals pfas en lood’, legt Verwijs uit.


‘Vervolgens gaan we rekenen, om tot een advies te komen dat aan alle voorwaarden voldoet. Daarbij houden we ook rekening met wat men nu eet, op basis van voedselconsumptiedata van het RIVM, zodat het advies zo haalbaar mogelijk is. Daarom kijken we bijvoorbeeld ook naar logische portiegroottes. Het is een hele puzzel.’ Voor alle data geldt dat onderliggende rapporten tot stand zijn gekomen op basis van wetenschappelijke consensus, bijvoorbeeld door uitgebreid literatuuronderzoek. 


Hoe weegt de Schijf van Vijf duurzaamheid tegen gezondheid?

‘Hierin doen we geen concessies’, stelt Verwijs. ‘Het rekenmodel is zo ingesteld dat het advies aan de randvoorwaarden voldoet. Gelukkig gaan duurzaamheid en gezondheid vaak hand in hand: meer plantaardig eten is duurzamer, en vaak ook gezonder. Soms schuurt het een beetje. Helemaal geen vis eten is duurzamer, maar qua gezondheid zien we er wel voordelen van. Vis bevat ook relatief veel contaminanten, waardoor het extra belangrijk is om te variëren in vissoorten. Dan kom je uit op het advies van één portie vis per week. Op die manier voldoen we binnen het totaalplaatje aan de door ons gestelde eisen voor gezondheid, duurzaamheid en voedselveiligheid.’


Welke producten zijn verdwenen of toegevoegd?

De grotere ruimte voor peulvruchten in de nieuwe Schijf van Vijf heeft wat verandering teweeggebracht. ‘Tofu en tempeh stonden er bijvoorbeeld al in, maar er zijn nu ook meer soorten falafel bijgekomen. Ook hummus – mits er niet teveel zout aan is toegevoegd – staat nu in de Schijf van Vijf’, aldus Verwijs. Voor onder meer bewerkt vlees is minder ruimte dan voorheen. ‘Dat komt omdat het eten van bewerkt vlees in verband wordt gebracht met chronische ziekten. De Gezondheidsraad adviseert dus hier zo min mogelijk van te eten. Voorheen waren bijvoorbeeld vleeswaren nog een dagkeuze in de Schijf van Vijf, nu is dat een weekkeuze.’


Welke impact heeft de vernieuwing op scholen?

Het Voedingscentrum ondersteunt scholen met praktische materialen om gezond en duurzaam eten op scholen te stimuleren en jongeren kennis over voedsel te geven, zoals de Kantine Checklist en het gratis lespakket Weet wat je eet. ‘Al die materialen zijn geüpdatet en voldoen aan de nieuwe Schijf van Vijf’, vertelt Verwijs. ‘Daarnaast delen we deze informatie met uitgevers, bijvoorbeeld van biologielesboeken, zodat ook hun lesmateriaal wordt aangepast. De grootste verandering daarbij is een sterkere nadruk op plantaardig voedsel.’


Dit artikel verscheen in 2026 in het septembernummer van Bionieuws, als onderdeel van het themacluster Jong Leren Eten.


Het cluster kwam tot stand met financiële steun van Jong Leren Eten, een overheidsprogramma dat scholen, kinderopvang, partners en overheden samen brengt om kinderen en jongeren in aanraking te brengen met kennis en activiteiten rondom voedsel.


Het thema is onder de nadrukkelijke voorwaarde van redactionele onafhankelijkheid en verantwoordelijkheid ingevuld.

Lees nu ook