Beeld van reuzenkopbever gemaakt door Remie Bakker – Foto: Jochumhof, Steyl
De reuzenkopbever was twee miljoen jaar geleden een vaste bewoner van Nederland en werd twee eeuwen geleden onbedoeld vernoemd naar Cuvier.
‘De uitgestorven reuzenkopbever is een van de meest tot de verbeelding sprekende zoogdieren die ons land ooit bewoonden.Het was een rare bever, met een grote kop, kleine handjes, gigantische flapvoeten en een ronde staart. En ondanks zijn enorme snijtanden kon het dier geen bomen vellen’, staat in het boek De reuzenkopbever dat 8 februari in Rotterdam is gepresenteerd. Een afsluiting van Project Reuzenbever waarmee de Werkgroep Pleistocene Zoogdieren vanaf 2020 al het Nederlandse fossiele materiaal van de reuzenkopbever Trogontherium cuvieri in kaart bracht. Het grootste deel van de fossielen komt van de opgespoten Rotterdamse stranden Maasvlakte 1 en 2 en uit voormalige kleigroeves van het Noord-Limburgse Tegelen. Uit eerbetoon staat sinds 2024 in de Tiglientuin van de Jochumhof in Steyl een gedetailleerd bronzen beeld van de reuzenkopbever (foto). De soort leefde vanaf 2,5 miljoen jaar geleden gelijktijdig met moderne Europese bevers (Castor fiber), maar stierf 200 duizend jaar geleden uit. Tandanatomie wijst erop dat het dier vooral oeverplanten at zoals riet en zeggen. Reuzenkopbevers zijn niet veel groter dan bevers en werden vroeger dus onterecht reuzenbevers genoemd. Die naam past meer bij leden van het (ook uitgestorven) Noord-Amerikaanse bevergeslacht Castoroides , die zo groot waren als beren. Over de wetenschappelijke naam valt veel te vertellen: het vult een hoofdstuk in het boek. De Russische verzamelaar Alexander Stroganov – familiair ook verbonden met Bœuf Stroganoff – gaf in 1809 de naam Trogontherium aan een fossiele beverschedel, afgeleid van het Griekse trógein en thèriun dat ‘knagen’ en ‘dier’ betekent. Maar omdat de Franse anatoom George Cuvier zich mengde in briefwisselingen over de naamgeving – en zelf de betere naam Castor trogontherium voorstelde – belandde zijn achternaam door misverstanden in de soortaanduiding. Recent verzekerden Nederlandse paleobiologen dat de toevallige en ingeburgerde naam Trogontherium cuvieri voort zal leven (Bulletin of Zoological Nomenclature, 31 december). Een eigenaardig knaagdier, met onbedoeld eerbewijs.
