
Zo’n 56 miljoen jaar geleden warmde het klimaat bijna even snel op als nu, met explosieve CO2-toename en resulterend in langdurig ontregelde ecosystemen op land. Varens vervingen coniferen als dominante vegetatie en er was sprake van grootschalige erosie en bosbranden. Dat reconstrueren onderzoekers van het NIOZ en Universiteit Utrecht na analyses aan stuifmeel en andere sedimentsporen uit de zogeheten Paleocene-Eocene Thermal Maximum-periode (PETM) in de Noorse Zee (PNAS, 19 januari). ‘De ecosystemen op het land waren duizenden jaren ontregeld; een toename van houtskool laat zien dat er meer bosbranden plaatsvonden. ‘Een toename van kleimineralen in het zeesediment wijzen er bovendien op dat er hele stukken land de zee in spoelden door erosie’, aldus bioloog en eerste auteur Mei Nelissen in een begeleidend persbericht.
De gelaagde sedimenten in de boorkernen die in 2021 zijn ingezameld , maken het mogelijk in detail en zelfs per seizoen te herleiden wat er 56 miljoen jaar geleden gebeurde toen de wereld in korte tijd vijf graden opwarmde. In maximaal driehonderd jaar vanaf de start van de explosieve CO2-toename verdween de door coniferen gedomineerde vegetatie en ontstaat een enorme piek in varensporen. Het betreft vooral vertegenwoordigers van de varenfamilie Gleicheniaceae, die karakteristiek zijn voor verstoorde en brandgevoelige omgevingen. ‘De CO2-uitstoot gaat nu zo’n twee tot tien keer zo snel’, waarschuwt Nelissen. ‘Voor geologische begrippen is zo’n tempo ongekend.’ In eerder onderzoek is al vastgesteld dat tijdens het PETM de zee enorm verzuurde, waardoor vooral mariene organismen die kalkskeletjes of schelpen vormen in de problemen raakten.
