
Biologen zien het voor hun neus gebeuren: de ecosystemen waar ze al jarenlang onderzoek naar doen veranderen grondig door menselijk toedoen. Hoe gaan ze daarmee om?
Bossen staan in vuur en vlam, tropische koraalriffen verbleken en veel dier- en plantpopulaties storten wereldwijd in. De aardse ecosystemen zijn drastisch aan het transformeren, mede als gevolg van klimaatverandering. Ervaren de wetenschappers die hier getuige van zijn een diepgaand gevoel van verlies naarmate de crises voortzetten? The Guardian vroeg het zich in een artikel van 12 januari af en sprak een drietal onderzoekers. In navolging daarvan inventariseerde Bionieuws bij Nederlandse biologen of zij ook wel eens last hebben van ecologische rouw.

Bert Hoeksema, marien bioloog bij Naturalis Biodiversity Center en Rijksuniversiteit Groningen
‘Ecologische rouw is bij mij door de jaren heen langzaam gegroeid, en begon toen ik in 1983 als student in Indonesië voor het eerst werd geconfronteerd met koraalverbleking. Er was toen nog geen reden tot grote zorg; pas in de decennia daarna bleek hoe allesomvattend en desastreus het fenomeen zou gaan worden. En dat zie ik tot op de dag vandaag met eigen ogen terug: op veel koraalriffen in de wereld verandert het onderwaterlandschap van uitbundig en kleurrijk naar kaal, grauw en doods. Inmiddels is het glashelder dat wereldwijde koraalverbleking een chronisch en onomkeerbaar proces is; klimaatverandering is immers de sleutelfactor van de achteruitgang en die is niet meer te stoppen.
‘De grote tragiek is die onomkeerbaarheid, en daarmee het groeiend besef dat tropische koraalriffen er over vijftig jaar mogelijk helemaal niet meer zijn, zeker niet zoals we ze nu kennen. Dat doet pijn, roept gevoelens van machteloosheid op, en soms ook gevoelens van rouw. Het tij is in zekere zin niet meer te keren, maar met goed onderzoek en beleid kunnen we de schade wel zo veel mogelijk beperken.’

Iris de Winter, primatoloog bij Universiteit Utrecht en directeur van het Apenheul Natuurbehoudfonds:
‘Ieder jaar steekt de inheemse bevolking van Madagaskar aan het einde van het droogseizoen verdorde grasvelden in brand om de groei van nieuw gras voor hun grazers, de zeboe, te stimuleren. Toen ik een paar jaar geleden vanaf een berg uitkeek over mijn onderzoeksgebied, zag ik het volledig misgaan en de vlammen overslaan op het tropische bos. De realisatie dat vele dieren hun leefgebied verliezen of zelfs levend verbranden, deed ontzettend veel pijn.
‘Rouwen levert dan alleen niets op en het is belangrijk om de hoop niet te laten varen. Toen ik tien jaar geleden naar Madagaskar kwam, achtte ik het onmogelijk dat al die kleine postzegelhabitats op het eiland stand zouden houden. Toch zijn ze er nog. Sterker nog, we zijn hard bezig allerlei corridors aan te leggen. Natuurlijk zijn er in mijn werk momenten van machteloosheid en frustratie, maar dat probeer ik altijd om te zetten in actie en iets positiefs. Anders is verandering niet mogelijk.’

Joop Schaminée, botanicus bij Wageningen University & Research en Radboud Universiteit Nijmegen
‘Planten zijn anders dan dieren; ze passen zich sneller en makkelijker aan wanneer de omgeving verandert. Voorspellingen van 25 jaar geleden dat veel soorten in Nederland zouden verdwijnen blijken bijvoorbeeld niet waar. Er zijn zelf honderden soorten bijgekomen! Uit die robuustheid put ik hoop voor de toekomst. ‘Want het blijft een feit dat de aarde opwarmt en dat er veel kwetsbare soorten zijn die de klap van bijvoorbeeld een extreem warme zomer niet of nauwelijks aankunnen. Dat baart zeker zorgen, maar rouw wil ik het niet noemen. Rouw associeer ik met de acceptatie van verlies, een gemoedstoestand van ontreddering. Maar lijdzaam achterover zitten kan juist een vrijbrief zijn om niets te doen.
‘Oprechte zorg en gezonde spanning zijn daarom bij mij de drijfveren om de klap op te vangen die kwetsbare soorten ervaren. Zo verzamelen we bijvoorbeeld met het Levend Archief de zaden van inheemse plantensoorten, om toekomstige verzwakte plantpopulaties weer aan te sterken.’

Martine Maan, evolutiebioloog aan Rijksuniversiteit Groningen
‘Ik voel zeker rouw bij het verdwijnen van individuele diersoorten, maar vooral bij de ingrijpende veranderingen aan hele ecosystemen door menselijk toedoen. Tijdens mijn veldwerk in Panama aan kikkers, heb ik ervaren hoe overweldigend de enorme rijkdom in de tropen is. Alles wat aan menselijke invloed in zo’n systeem binnensijpelt doet pijn, van oprukkende akkers tot de plannen voor een nieuwe golfbaan. Dat roept soms ook gevoelens van acute boosheid op.
‘In Nederland is dat anders. We leven eigenlijk in één groot stedelijk gebied. Maar wanneer ik hier langs de kale graslanden fiets, bekruipt mij toch ook dagelijks een gevoel van verlies. Wij zouden het met onze kennis en financiële middelen beter moeten doen. Toch wordt natuur nog te vaak gezien als een architectonisch element of als amusement, zonder oog voor echte ecologische waarden. Die gevoelens van rouw kan ik gelukkig wel omzetten in actie, bijvoorbeeld door op de campus invloed uit te oefenen op het terreinbeheer. Of door minder vlees te eten. Rouw werkt in die zin zeker niet verlammend.’

Matthijs Schouten, ecoloog en filosoof bij Wageningen University & Research en Staatsbosbeheer
‘Tien jaar lang heb ik mij succesvol ingezet voor het behoud van de hoogvenen in Ierland die door energiewinning achteruit gingen. Toen jaren later het besef kwam dat ze door klimaatverandering mogelijk alsnog zouden verdwijnen, was ik daar kapot van. Maar met de gevoelens van diepe rouw kwam de realisatie dat het weinig zin heeft om vast te houden aan oude wereldbeelden.
‘We hebben er een puinhoop van gemaakt, en doen dat nog steeds. Dat gaat gepaard met verlies. De wereld zoals we die kennen is onherroepelijk aan het veranderen en het is belangrijk dat tot op zekere hoogte te accepteren; een rouwproces is daar een wezenlijk onderdeel van. Door los te laten wat ons dierbaar is en de onzekerheid van de toekomst te aanvaarden, kunnen we ons heroriënteren. Daarmee ontstaat ruimte om op een constructieve manier de wereld om ons heen opnieuw vorm te geven.’
FOTO: IMAGESELECT
