
Foto: Wikimedia/Joeavison1
Slaapgebrek door een verstoorde nachtrust? Orang-oetans lossen het op met een dutje (of twee).
Het is stiekem best fijn: een snelle powernap op de bank, of overdag speciaal even terug naar bed om verloren slaap van de nacht ervoor in te halen. Geen zorgen, een middagslaapje is heus niet uitsluitend weggelegd voor peuters en oudjes en zelfs niet exclusief voor de verwende moderne mens. Ook orang-oetans doen na onvoldoende nachtelijke slaap graag een dutje, weet een team van Duitse en Indonesische onderzoekers (Current Biology, 25 juni).
De gedragsbiologen bestudeerden gedurende veertien jaar de slaappatronen van 53 in het wild levende volwassen orang-oetans op Sumatra. Een uitdagende taak, niet alleen vanwege de inbreuk op hun eigen nachtrust, maar ook omdat orang-oetans zich ’s nachts in zelfgemaakte nesten hoog in het bladerdak vestigen. Vanaf de grond zijn de dieren dan veelal onzichtbaar, waardoor de onderzoekers waren aangewezen op hun gehoor om de slaapperiode te bepalen. Orang-oetans blijken meer slaap te behoeven dan mensen: zo’n dertien uur per nacht. Dat een snurkende of rusteloos woelende soortgenoot in de buurt – evenals koude tenen door een lage buitentemperatuur – ervoor zorgt dat een orang-oetan minder lang slaapt, zal weinig verassend zijn. Ook langere dagelijkse tochten verkorten de nachtrust. Om dat slaaptekort in te halen, tukken de mensapen gedurende de dag: in 41 procent van de gevallen minstens één keer. Voor elk uur minder slaap ‘s nachts verlengt een orang-oetan de siësta met vijf tot tien minuten.
Orang-oetans blijken meer slaap te behoeven dan mensen: zo’n dertien uur per nacht
Orang-oetans leven grotendeels solitair en kunnen dus dutten waar en wanneer ze maar willen. Ze bouwen hiervoor een dagnest: minder comfortabel en geavanceerd dan een nachtnest, maar functioneel genoeg – wellicht vergelijkbaar met een treinstoel of een bankje in het park. Voor wie op ideeën komt, is het goed om te weten: een gemiddeld orang-oetandutje duurt 76 minuten. Slaap lekker!
