Word lid

Gevolgen van herinvoer genetische geslachtstest op de Olympische Spelen

Deel

Turner op de Olympische Zomerspelen 2016. Foto: Wikimedia Commons / Javid Nikpour / Tasnimnews

Het Internationaal Olympisch Comité (IOC) heeft aangekondigd dat alleen atleten die door middel van de eerder afgeschafte SRY-test aantonen ‘biologisch vrouwelijk’ te zijn, mogen deelnemen aan olympische vrouwensporten. Hoe werkt de test? En wat zijn de implicaties van de herinvoer?


Sabine Hannema, kinderarts-endocrinoloog en onderzoeker in het Amsterdam UMC
‘De geslachtsontwikkeling is een complex proces met verschillende stappen. Bij elke stap komen variaties voor, ook wel bekend als differences of sex development ofwel DSD. Hoe gaat het meestal? Het SRY-gen, oftewel de sex determining region on the Y-chromosome, speelt een belangrijke rol in de geslachtsontwikkeling. Het is het gen dat tijdens de embryonale ontwikkeling een cascade van genexpressies in gang zet die ervoor zorgen dat de teelballen ontwikkelen, die vervolgens testosteron produceren. Dat zorgt voor de ontwikkeling van primaire geslachtskenmerken. In de puberteit zorgt testosteron voor de ontwikkeling van de secundaire geslachtskenmerken. 


‘Een dergelijk ingewikkeld proces laat zich niet evalueren door het meten van één enkele eigenschap zoals aanwezigheid van het SRY-gen. Als het SRY-gen aanwezig is, wil dat niet zeggen dat het werkzaam is. Bovendien kan de teelbalontwikkeling uitblijven door varianten in andere genen, de testosteronproductie kan ontbreken door niet-functionerende enzymen en ook bij aanwezigheid van testosteron kan de werking  verminderd of afwezig zijn. 


‘Het IOC erkent dat vrouwen met sommige vormen van DSD weliswaar een SRY-gen hebben maar geen voordeel wat betreft sportprestaties, zoals vrouwen met complete ongevoeligheid voor  androgenen en andere specifieke vormen van DSD waarbij er geen voordeel is van prestatiebevorderende testosteroneffecten. Zij zouden mee mogen doen aan de vrouwencategorie, maar het is niet duidelijk hoe ‘geen prestatiebevorderend effect’ bepaald zal worden. Het IOC beschrijft dat atleten leeftijdsadequate, cultureel sensitieve en toegankelijke informatie moeten ontvangen zodat zij informed consent kunnen geven voor het testen op het SRY-gen, en dat de privacy van atleten gerespecteerd moet worden, maar het is niet duidelijk hoe dit gewaarborgd zal worden. Vrouwen die positief testen voor het SRY-gen worden uitgesloten van deelname aan de vrouwelijke categorie in afwachting van verder onderzoek. Zo’n uitsluiting van deelname, ook als deze tijdelijk is, zal waarschijnlijk een grote impact hebben op de atleet.’ 


Ivo van Hilvoorde, lector bij Hogeschool Windesheim en senior onderzoeker bij het Mulier Instituut
‘Dit is een oude discussie in een nieuw jasje. Sport is mede gebaseerd op binaire tegenstellingen, zoals man/vrouw, om daarmee een zo rechtvaardig mogelijke competitie mogelijk te maken. Als maatschappij willen we dat onrechtvaardige verschillen worden geminimaliseerd; daarom zijn er gewichtsklassen in het boksen. Een onrechtvaardige competitie zou ook schade berokkenen op commercieel gebied. In de jaren tachtig deed het veelvuldig dopinggebruik door onder andere DDR-atleten kijkers afhaken. De invloed van geslacht op de prestatie is een grijs gebied en blijft het de vraag hoe je dit precies vaststelt. Uiteindelijk zullen er altijd atleten zijn met genetische voordelen; bij bepaalde mutaties wordt nu geprobeerd die terug te brengen tot wat we ‘normaal’ vinden.


‘Ik denk dat het herinvoeren van de SRY-test voortkomt uit de wens dit onderscheid objectief te laten lijken, maar alle bezwaren liggen nog steeds op tafel. Biologie laat zich niet zomaar schikken naar de binaire logica van de sport. Dit lijkt me geen slimme stap van het IOC, al volg ik waarom ze dit besluit hebben genomen. Idealiter stellen we de grens zo gelijkwaardig en humaan mogelijk vast, met aandacht voor privacy en stigmatisering, en altijd met consent. Maar het feit is dat er uiteindelijk altijd atleten zullen worden buitengesloten en naar hun idee aan de verkeerde kant van de grens komen te staan. 


‘De SRY-test is niet de enige test die ingezet wordt zonder dat deze waterdicht is. Maar het is ingewikkeld als we atleten buitensluiten op basis van zoiets feilbaars, niet alleen ethisch maar ook juridisch. Je wil situaties zoals die van Caster Semenya, die werd buitengesloten nadat de internationale atletiekfederatie hormoongrenzen vaststelde voor bepaalde atletiekafstanden, voorkomen. De grenzen zouden ook per sport kunnen worden bepaald, het liefst op basis van meer geloofwaardige en geaccepteerde methoden.’

Lees nu ook