Scheepsgeluiden veroorzaken waarschijnlijk zoveel stress bij strandkrabben dat ze zich niet meer goed kunnen camoufleren.

 

Strandkrabben (Carcinus maenas) kunnen van kleur veranderen om beter op te gaan in hun leefomgeving, maar harde geluiden van schepen verpesten dat: onder langdurige blootstelling van scheepsgeluiden zijn de krabben nog maar half zo snel in het aanpassen van de kleur van hun schild. Dat schrijven Engelse biologen 9 maart in Current Biology.

 

De onderzoekers plaatsten jonge, zwartschildige krabben in drie verschillende witte bakken. In een van de bakken kregen de krabben elk uur harde scheepsgeluiden te horen. In de andere twee bakken speelde men met dezelfde frequentie natuurlijk onderwatergeluid af; in de ene bak op hetzelfde volume als de scheepsgeluiden, in de andere zachtjes. Na acht weken waren de krabben in de laatste twee bakken bijna wit geworden. In de scheepsgeluidenbak werden de krabben in die tijd maar half zo wit. Daarmee zijn de krabben vatbaarder voor predatie. In een vervolgexperiment bleek bovendien dat krabben niet of opvallend langzaam vluchten voor het geluid van roofvogels als er scheepsgeluiden op de achtergrond te horen zijn.

 

Mogelijk is stress de oorzaak van de afnemende camouflagekracht. Kleurverandering vergt veel energie van de krabben, die ze nu wellicht al aan stress verspeeld hebben.